Wet Rechtsvermoeden komt eraan: wat vindt Vakvereniging HZC?!

De Wet Rechtsvermoeden van minister Thierry Aertsen kan op brede steun rekenen in de Tweede Kamer. Deze week wordt hierover gestemd. Met deze wet wil het kabinet schijnzelfstandigheid aanpakken en werkenden met lage tarieven beter beschermen. Ligt het tarief voor een klus dat een zzp’er afspreekt met een opdrachtgever onder de grens van ongeveer 38 euro per uur, dan kan deze werkende arbeidskracht bij de rechter stellen dat er sprake is van een arbeidsovereenkomst. Alleen de werkende zelf kan hier een beroep op doen. Deze zzp’er zou hiervoor ook een derde (zoals Vakvereniging HZC) in kunnen schakelen.

De bewijslast verschuift bij een gang naar de rechter naar de opdrachtgever. Die moet aantonen dat er toch sprake is van zelfstandig ondernemerschap. Overheidsinstanties zoals de Belastingdienst of het UWV kunnen dit instrument niet gebruiken.

GEEN ondergrens

LET OP: het tarief Rechtsvermoeden is géén verplichte ondergrens. ZZP’ers mogen dus nog steeds klussen afspreken onder dit tarief van 38 euro. Bijvoorbeeld als ze daarmee beogen voor het eerst een opdracht bij een belangrijke nieuwe opdrachtgever binnen te halen.

De wet Rechtsvermoeden beoogt alleen een rechtsbescherming te bieden voor werkende arbeidskrachten die stelselmatig door bepaalde opdrachtgevers onder druk worden gezet om tegen te lage tarieven als zzp’er voor hen te komen werken. Waardoor de zzp’er te weinig inkomen heeft om het afdekken van zijn eigen risico’s te kunnen betalen. Denk aan een bedrijfsrisico verzekering voor je bus, machine of ander materieel en voor je ziekte, arbeidsongeschiktheid en pensioenverzekering.

Daarom is HZC voorstander van deze Wet Rechtsvermoeden, omdat het zzp’ers de mogelijkheid biedt om weerstand te bieden tegen druk van opdrachtgevers om te lage tarieven te moeten accepteren. EN je hebt nog steeds de vrijheid van ondernemen om waar nodig (tijdelijk) een lager tarief in te zetten.

Rechtsvermoeden en de Zelfstandigenwet

Het rechtsvermoeden was oorspronkelijk onderdeel van de wet VBAR (Verduidelijking Beoordeling Arbeidsrelaties en Rechtsvermoeden). Deze wet is inmiddels gesplitst. Alleen het onderdeel over het rechtsvermoeden wordt versneld ingevoerd. Andere onderdelen – zoals de vagere criteria over gezag en inbedding – worden vervangen door de nieuwe Zelfstandigenwet. Daarmee wil het kabinet uiteindelijk meer duidelijkheid geven over wanneer iemand werkt als zzp’er en wanneer als werknemer.

Wat staat in de initiatiefwet Zelfstandigenwet?

Om duidelijkheid te scheppen over ondernemerschap hebben de VVD, D66, CDA en SGP een initiatiefwet opgesteld. Daarbij is ook gekeken naar wetgeving in buitenland, o.a. België. Voor de volledige uitleg is de ‘Memorie van Toelichting Zelfstandigenwet’ te raadplegen. Doel initiatiefwet: weer duidelijkheid en betere rechtszekerheid bieden aan zelfstandigen en opdrachtgevers, de wetgeving beter aan laten sluiten bij de moderne arbeidsmarkt en de behoefte aan autonomie vanuit zelfstandigen erkennen.

In het kort komt het hierop neer. Er komt een duidelijk wettelijk toetsingskader, in plaats van de bestaande jurisprudentie met de negen gezichtspunten uit het Deliveroo-arrest.

Dit toetsingskader bestaat uit een zelfstandigentoets die allereerst kijkt naar de zzp’er zelf: Gedraagt de zelfstandige zich als ondernemer in het economisch verkeer, heeft men meerdere opdrachtgevers en zijn de ondernemersrisico’s adequaat afgedekt. Ondernemerschap staat dus centraal in dit voorstel.

Vervolgens wordt er gekeken naar de wil van de partijen (werkrelatie): is er tussen de opdrachtgevers en opdrachtnemer sprake van vrije keuze voor de samenwerking? Is er sprake van vrijheid van werktijd en vrijheid van werkinvulling, zonder dat er sprake is van hiërarchische controle vanuit de opdrachtgever. Er wordt dus niet meer gekeken naar de inbedding van werkzaamheden, een gezichtspunt wat nu voor veel onduidelijkheid zorgt.

Alhoewel de Zelfstandigenwet beoogt meer duidelijkheid te scheppen, is HZC van mening dat dit met de geformuleerde criteria in de nieuwe initiatiefwet nog steeds NIET duidelijker wordt ten opzichte van het VBA-deel van de initiatief wet VBAR (onze samenwerkingspartner ZZP Nederland is die mening ook toegedaan, lees hun artikel via onderstaande link). In beide initiatiefwetten zijn de criteria namelijk nog steeds te vaag én voor meerdere uitleg vatbaar. HZC pleit daarom voor eenvoudiger én heldere criteria, zodat de beoogde duidelijkheid er nu eindelijk eens komt. Dat mag wat HZC betreft ook geregeld worden – zoals de VCP het liefst wil – via de VBA-deel van de oorspronkelijke wet VBAR. Als het doel maar behaald wordt: duidelijkheid voor opdrachtgever én de zzp’er!

Lees meer over Wet Rechtsvermoeden in onderstaand bericht van ZZP Nederland.

https://www.zzp-nederland.nl/nieuws/brede-steun-kamer-voor-wet-rechtsvermoeden-bij-laag-uurtarief

Brede steun in Kamer voor Wet Rechtsvermoeden bij laag uurtarief

De Tweede Kamer lijkt brede steun te geven aan de invoering van het rechtsvermoeden van werknemerschap bij een laag uurtarief. Met deze wet wil het kabinet schijnzelfstandigheid aanpakken en werkenden met lage tarieven beter beschermen.

Volgende week wordt er gestemd over het rechtsvermoeden. De beoogde ingangsdatum van de wet ligt op 1 januari 2027.

Wat houdt het rechtsvermoeden in?

Het wetsvoorstel introduceert een rechtsvermoeden van werknemerschap voor zelfstandigen met een laag uurtarief. Ligt het tarief onder de grens van ongeveer 38 euro per uur, dan kan een werkende bij de rechter stellen dat er sprake is van een arbeidsovereenkomst. De zzp’er zou hiervoor ook een derde in kunnen schakelen.

De bewijslast verschuift bij een gang naar de rechter naar de opdrachtgever. Die moet aantonen dat er toch sprake is van zelfstandig ondernemerschap.

Het rechtsvermoeden is geen verplichting. Alleen de werkende zelf kan hier een beroep op doen. Overheidsinstanties zoals de Belastingdienst of het UWV kunnen dit instrument niet gebruiken.

Geen minimumtarief, wel extra bescherming

De wet introduceert geen minimumtarief en verbiedt ook niet om onder de grens te werken. Het is vooral bedoeld als extra juridische bescherming voor werkenden met een laag tarief. Het instrument werkt civielrechtelijk. Dat betekent dat het vooral speelt bij conflicten tussen werkende en opdrachtgever, bijvoorbeeld via de rechter.

Onderdeel van bredere zzp-wetgeving

Het rechtsvermoeden was oorspronkelijk onderdeel van de wet VBAR. Deze wet is inmiddels gesplitst. Alleen het onderdeel over het rechtsvermoeden wordt versneld ingevoerd. Andere onderdelen worden vervangen door de nieuwe Zelfstandigenwet. Daarmee wil het kabinet uiteindelijk meer duidelijkheid geven over wanneer iemand werkt als zzp’er en wanneer als werknemer.

Wat betekent dit voor de praktijk?

De verwachting is dat de Wet Rechtsvermoeden invloed heeft op hoe opdrachtgevers en zzp’ers afspraken maken, vooral bij lagere tarieven. Opdrachtgevers moeten vooraf beter beoordelen of een opdracht geschikt is voor een zzp’er. Tegelijk krijgt een werkende met een laag tarief een sterkere positie om de arbeidsrelatie te laten toetsen.

Reactie ZZP Nederland

ZZP Nederland ziet het rechtsvermoeden als een gericht middel om misstanden aan de onderkant van de arbeidsmarkt aan te pakken. Werkenden met een laag tarief krijgen hiermee een sterkere positie om hun arbeidsrelatie te laten toetsen.

Tegelijk is het belangrijk dat dit instrument niet wordt gezien als algemene maatregel voor alle zzp’ers. Het rechtsvermoeden is bedoeld als bescherming, niet als beperking van ondernemerschap.

ZZP Nederland pleit er daarom voor om dit soort maatregelen te combineren met duidelijke en werkbare regels voor zelfstandigen. Alleen zo ontstaat er echte duidelijkheid voor jou als ondernemer én voor opdrachtgevers. “De aankomende Zelfstandigenwet zou meer duidelijkheid kunnen geven. Wij blijven daarom kritisch op de exacte invulling daarvan en geven de minister graag gevraagd en ongevraagd ons advies hierover”, aldus Frank Alfrink, voorzitter van Vereniging ZZP Nederland.

Ontdek de voordelen van ons lidmaatschap

Profiteer van onder meer
Zekerheid dat je contract goed geregeld is
Juridische hulp zonder gedoe
Ondersteuning tijdens je loopbaan
Advies over werk, stage en pensioen
Snel antwoord op je vragen